Het stationsgebouw
Het nieuwe station Luik-Guillemins is 18 september 2009 opgeleverd. Na een internationale wedstrijd werd het project van de bekende architect Santiogo Calavatra gekozen. Calatrava's ontwerpen zijn spraakmakend en bovendien heeft hij zich meermalen bewezen met het ontwerpen van stations. Zo ontwierp hij eerder al het Stadelhofen-station te Zürich, het station van Luzern, het tgv-station van Lyon-Saint-Exupéry, het intermodaal station Oriente in Lissabon en het nieuwe PATH-station in New York.
Het oude station voldeed niet meer: de perrons waren te smal en gebogen en de gehele stationsomgeving had een armoedige uitstraling. Nu wordt de hoofdentree naar de winkels en de roltrappen geflankeerd door twee breed uitlopende trappen. Het station heeft een luxe, ruime uitstraling met brede perrons en veel toegangswegen. De liften zijn rond en doorzichtig als cilinderpompen, en de deur boven zit aan de andere kant dan beneden: bij het uitstappen hoef je dus niet achtuit je fiets naar buiten te manouvreren. Het enige nadeel is de akoestiek: de omroep klinkt als een gemeentelijk zwembad... Hieronder wat foto's die ik er op 24 juli heb gemaakt.
De sporen en de perrons
De spoorfanaten zal ik hieronder kort meenemen in de verbetering van de sporenlayout. De perrons waren te smal en gebogen en bovendien beperkten de vele wissels de aankomst- en vertreksnelheid. De komst van de hsl-treinen is aangegrepen om het station naar de huidige standaards op te waarderen en de stopplaats circa 100 m te verplaatsen. Voor een lange tgv-trein is het ongunstig om in een bocht te stoppen om reizigers te laten uitstappen, de trein staat dan namelijk scheef.
Afbeelding 1. de sporenlayout van Luik Guillemins in 1987
Afbeelding 2. de huisige sporenlayout van Luik Guillemins
Nadelen van wissels
Tijd dus om wat wissels te slopen, de perrons te verbreden en recht te leggen. Wissels zijn namelijk best vervelend als je snel en met veel treinen door een station heen wilt: ze leveren beperkingen op voor de seinplaatsing en treinen die krom door een wissel rijden, krijgen een snelheidbeperking. Bovendien kost het onderhoud van vaak bereden wissels bijna een ton per jaar! Verder mogen wissels dan wel heel veel bereikbaarheden en gelijktijdige rijwegen bieden, maar met elk wissel dat je aanlegt, neemt het aantal (foute) keuzemogelijkheden exponentieel toe. Hoe meer wissels er egens liggen, hoe groter daarmee de kans dat de treindienst een onbeheersbaar proces wordt. Tot slot heeft een gemiddeld wissel een storingskans van 0,4 per jaar.
De winst
Een snelle telling van de wissels op bovenstaande afbeeldingen levert op dat Luik van zo'n 150 naar ca. 80 wissels is gegaan (Engelse wissels heb ik dubbel geteld), een besparing van 70 wissels. Waar komt de winst vandaan? Aan de noordzijde heeft de aanleg van een vrije kruising een hoop wissels overbodigd gemaakt en meteen het aantal kruisende bewegingen tussen verschillende treinstromen gereduceerd. Aan de zuidzijde zijn de PTT-sporen en -perrons gesloopt. In afbeelding 1 zien we aan de zuidkant van het station een serie Engelse wissels die een gelijktijdigheid leveren van de meest oostelijke inrijsporen naar de sporen van het derde perron, dwars over de ptt-sporen. Waarschijnlijk reden daar de laaste jaren al weinig ptt-treinen meer, maar het aantal mogelijke kruisende rijwegen is ook hier gereduceerd.
Bronnen
SporenplanOnline: www.sporenplan.nl/
Wikipedia: nl.wikipedia.org/wiki/Station_Luik-Guillemins